Categorie: "Algemeen"

Extra fiscaal voordeel voor R&D-activiteiten

Met ingang van 1 januari 2012 komt er een nieuwe stimuleringsregeling voor R&D-activiteiten. Dit heeft minister Verhagen (EL&I) onlangs bekend gemaakt. R&D-investeringen in bedrijfsmiddelen en gerelateerde exploitatiekosten kunnen hiermee in mindering gebracht worden op de vennootschapsbelasting.

 
De Research and Development Aftrek (RDA) is een belastingaftrek voor de kosten die bedrijven maken voor onderzoek en ontwikkeling van nieuwe producten. De nieuwe regeling bestaat naar verwachting uit twee onderdelen.
• RDA: een dubbele vpb-aftrek voor R&D-investeringen in bedrijfsmiddelen en de R&D-exploitatiekosten (bijvoorbeeld de inrichting van een laboratorium, aanschaf van materialen of de huur van apparatuur);
• RDA+: een driedubbele vpb-aftrek voor R&D-activiteiten die zijn uitbesteed aan universiteiten en kennisinstellingen.

De RDA is naast de WBSO en de Innovatiebox, de derde stimuleringsregeling die investeren in innovatie fiscaal aantrekkelijk maakt. De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) geeft de mogelijkheid tot belastingaftrek van de loonkosten van eigen R&D-medewerkers en de Innovatiebox verlaagt de belastbare winst (vennootschapsbelasting) op innovatieve producten en diensten tot 5% (i.p.v. 25,5%).
De RDA en RDA+ richten zich op R&D-investeringen anders dan loonkosten en is daarom vooral interessant voor kapitaalintensief onderzoek.
Het kabinet voert de RDA-regeling met ingang van 1 januari 2012 in. Er is vanaf 2012 een budget van € 250 miljoen beschikbaar, oplopend naar € 500 miljoen in 2015. In 2013 komt er nog een extra fiscale stimulans bij van € 100 miljoen. De ‘gewone’ RDA zal eerst worden ingevoerd. De overheid studeert momenteel nog op de variant van de RDA, de RDA+.

Europees onderzoeksprogramma voor het mkb

Subsidieprogramma Research for the benefit of SMEs is een Europees onderzoeksprogramma voor mkb-bedrijven zonder eigen researchcapaciteit. Het maakt onderdeel uit van het Zevende Kaderprogramma (KP7) Capacities. De kosten voor onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie worden door de Europese Commissie voor 110% vergoed. Aanvragen kunnen tot en met 6 december worden ingediend.

Doel van dit programma is bijdragen aan de ontwikkeling van op nieuwe technologie gebaseerde producten en markten, door bedrijven te helpen bij het uitbesteden van onderzoek, het opvoeren van hun onderzoeksinspanningen, het uitbreiden van hun netwerken, het beter benutten van onderzoeksresultaten en het verwerven van technologische knowhow.

De kosten voor onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie komen in aanmerking voor subsidie, waarbij het onderzoek wordt uitbesteed aan onderzoeksinstellingen of bedrijven. Er kunnen projectvoorstellen op alle mogelijke onderzoeksgebieden worden ingediend. Wel zijn er aparte projecten voor mkb’ers en voor mkb-verenigingen zoals brancheorganisaties.

Voorwaarden voor deelname van mkb zijn:

- minimaal drie mkb’ers uit drie verschillende EU-lidstaten of geassocieerde landen;
- research uitgevoerd door minimaal twee onafhankelijke R&D-uitvoerders;
- ook activiteiten om de introductie en exploitatie van de onderzoeksresultaten te bevorderen;
- looptijd: 1 à 2 jaar;
- projectkosten: 0,5 tot 1,5 miljoen euro.

Voorwaarden voor deelname van mkb-verenigingen zijn:

- minimaal drie mkb-verenigingen uit drie verschillende EU-lidstaten of geassocieerde landen, of één Europese mkb-vereninging;
- research uitgevoerd door minimaal twee onafhankelijke R&D
uitvoerders;
- ook activiteiten om de introductie en exploitatie van de onderzoeksresultaten te bevorderen;
- looptijd: 2 à 3 jaar;
- totale projectkosten: 1,5 tot 4 miljoen euro.

ESF Actie E in een nieuw jasje

Vergeleken met de afgelopen jaren wordt ESF Actie E dit jaar op een andere manier ingezet. Het aanvragen en het verantwoorden wordt makkelijker gemaakt. De hoogte van de subsidie wordt daarbij zeer verlaagd. Aanvragen voor sociale innovatie projecten waarbij een externe wordt ingehuurd, zijn geschikt voor ESF Actie E. De kosten voor de inhuur van de externe zijn de enige subsidiabele kosten.

ESF subsidie is vooral interessant wanneer een externe adviseur ingeschakeld wordt voor het opstellen van een diagnose of advies of het laten uittesten/implementeren in de praktijk van een plan van aanpak. De activiteiten moeten gericht zijn op de thema’s van de regeling ( procesverbetering en duurzame inzetbaarheid).

Procesverbetering: het binnen de arbeidsorganisatie verbeteren, herschikken en innoveren van bedrijfsprocessen

Duurzame inzetbaarheid: het creëren van een cultuuromslag gericht op gezond, vitaal en productief werken van indiensttreding tot aan pensionering, door:

• Het stimuleren van regionale en intersectorale arbeidsmobiliteit van werknemers
• Arbeidstijdenmanagement
• Het bevorderen van gezond, vitaal en veilig werken of
• Het bevorderen van zelfredzaamheid op de werkvloer

De subsidie bedraagt 75 % van de kosten van de adviseur. De maximale subsidie bedraagt €18.000,– (totale kosten € 24.000,–) en de minimale subsidie bedraagt € 9.750,–. Daarbij mag het uurtarief van de externe adviseur maximaal € 125,– te zijn en dient de BTW buiten beschouwing te worden gelaten.

Vanaf 3 oktober 2011 t/m 31 december 2012 kunnen aanvragen worden ingediend. Zij worden behandeld op volgorde van binnenkomst en na afronding van een project kan een tweede aanvraag gedaan worden.

2e tender Partners voor Water regeling geopend

De Partners voor Water regeling is bedoeld om de internationale ambities van de Nederlandse watersector te ondersteunen en faciliteren. Het programma beoogt door het bundelen van krachten de internationale positie van de Nederlandse watersector (overheden, bedrijfsleven, kennisinstituten en NGO’s) te verbeteren en zo een bijdrage te leveren aan de wereldwaterproblematiek.

Er kunnen aanvragen worden ingediend voor drie type projecten:
• Milieu-haalbaarheidsproject: een project waarmee de haalbaarheid van een milieu-investering gericht op oplossingen voor waterproblematiek in het doelland wordt vastgesteld;
• Kennisversterkingsproject: een opleidingsproject gericht op kennisversterking in het doelland van oplossingen voor waterproblematiek;
• Pilotproject: een experimenteel ontwikkelingsproject gericht op oplossingen voor de waterproblematiek in het doelland, waarbij een product, procedé of dienst in een proefopstelling wordt gedemonstreerd of gevalideerd;
• Combinatieproject: een combinatie van twee of meer voorgaande type projecten waarbij de deelprojecten zowel van elkaar zijn te onderscheiden als een duidelijke inhoudelijke samenhang met elkaar vertonen.

Er kan uitsluitend subsidie worden aangevraagd voor projecten in de volgende doellanden: Bangladesh, Brazilië, China, Egypte, Estland, Ethiopië, Georgië, Ghana, Hongarije, India, Indonesië, Kazachstan, Kenia, Maleisië, Mali, Mexico, Mozambique, Oekraïne, Polen, Roemenië, Rusland, Slowakije, Thailand, Turkije, Vietnam en Zuid-Afrika. De vetgedrukte landen zijn de zogenaamde deltalanden, waarvoor per tender €1 miljoen is gereserveerd.

Binnen de nieuwe regeling zullen, afhankelijk van het type bedrijf en type project, de subsidiepercentages variëren van 40% tot 80%. De sluitingsdata is 15 september 2011.

Internationaal Innoveren 2011 open voor indienen aanvragen

De subsidieregeling sterktes in innovatie, onderdeel Internationaal Innoveren staat tot en met 19 september 2011 weer open voor het indienen van projectvoorstellen.
Projecten, waarin een nieuwe technologie wordt ontwikkelt samen met minimaal één partner in het buitenland komen in aanmerking voor subsidie. De technologische innovatie moet leiden tot een product, proces of dienst.

Een Nederlands bedrijf moet samenwerken met:
• Minimaal één buitenlandse partner uit een Eureka-lidstaat óf
• Minimaal één buitenlandse partner uit een geïndustrialiseerd land: Canada, Japan, Singapore en VS óf
• Minimaal één buitenlandse partner uit een opkomende markt: Brazilië, China, India, Indonesië, Maleisië, Thailand, Zuid-Afrika, Zuid-Korea, Taiwan
• Eventueel samen met Nederlandse partners en/of derde(n)

De subsidie bedraagt:
• 50% voor industrieel onderzoek door een onderzoeksorganisatie;
• 35% voor industrieel onderzoek door een ondernemer (45% in het geval van een mkb-ondernemer);
• 25% voor experimentele ontwikkeling (35% in het geval van een mkb-ondernemer).

Het maximale subsidiebedrag per innovatieproject is:
• € 500.000 voor opkomende markten innovatieprojecten;
• € 750.000 voor EUREKA-innovatieprojecten en geïndustrialiseerde landen innovatieprojecten.

2e PSI tender 2011 geopend

Voor het Private Sector Investeringsprogramma (PSI ) kunnen tot 22 augustus 2011 voorstellen worden ingediend voor vernieuwende investeringsprojecten in 48 opkomende markten en ontwikkelingslanden in Azië, Afrika, Latijns-Amerika en Midden- en Oost-Europa.

Een PSI-project is een investeringsproject dat wordt uitgevoerd door een Nederlands (of buitenlands) bedrijf in samenwerking met een lokale partner in één van de landen waarvoor PSI is opengesteld. Het project is vernieuwend voor het betreffende land en bestaat uit zowel hardware (machines) als technische assistentie (zoals het trainen van lokale werknemers en projectmanagement). De investering moet leiden tot langdurige samenwerking, vervolginvesteringen en heeft een positieve invloed op de lokale economie.

Het maximale projectbudget bedraagt € 1,5 miljoen per project. Het schenkingspercentage voor alle reguliere PSI-landen bedraagt 50% en voor PSI Plus-landen 60%.

Tweede aanvraagronde ORIO 2011 geopend

Voor de Faciliteit ontwikkelingsrelevante infrastructuurontwikkeling (ORIO) heeft Agentschap NL de tweede tender gepubliceerd. Hiervoor kunnen tot en met 8 augustus 2011aanvragen worden ingediend. Op dit moment wordt vanuit het programma gekeken naar de mogelijkheden om processen te verbeteren. Vanaf de eerste oproep 2012 zullen de beleidsregels en documenten met betrekking tot de aanvraag waarschijnlijk worden gewijzigd.

Het doel van de ORIO regeling is het stimuleren van de betrokkenheid van het (internationale) bedrijfsleven bij de ontwikkeling en realisatie van projecten op het gebied van publieke infrastructuur in ontwikkelingslanden, om daarmee de kennis, kunde en ontwikkelkracht van de private sector te benutten. Op deze wijze draagt ORIO bij aan de ontwikkeling, de implementatie (bouw en/of renovatie en/of uitbreiding) en exploitatie van publieke infrastructuur in ontwikkelingslanden.

Overheden in het ontvangende land kunnen een schenkingsaanvraag bij ORIO indienen, die tot stand kan zijn gekomen op initiatief van een private partij. Aanvragen die aan de criteria voldoen worden in onderlinge competitie beoordeeld en winnende aanvragen komen in aanmerking voor een schenking. De schenking is bestemd voor de aankoop van kapitaalgoederen, diensten of werken. Het ontvangende ontwikkelingsland bepaalt de projectprioriteiten, de wijze van aanbesteden en de leverancier. Het resterende deel moet de lokale overheid op een andere manier financieren, bijvoorbeeld uit eigen middelen, via een commerciële lening, of met behulp van een bijdrage van een ontwikkelingsbank.

De hoogte van de schenking bedraagt 50% tot 100% van de projectkosten tot een maximum van € 60.000.000.

24 miljoen subsidie voor Veiligheid Kleine Bedrijven

Op 1 februari 2009 is de subsidie Veiligheid Kleine Bedrijven van start gegaan die winkels en ondernemingen met minder dan 10 personeelsleden helpt criminaliteit en fraude te bestrijden. Kleine bedrijven krijgen de helft vergoed van het laten uitvoeren van een veiligheidsscan door. Als de ondernemer vervolgens de door de inspecteur aangeraden maatregelen uitvoert, wordt ook de andere helft van de kosten van de scan vergoed. Daarnaast betaalt de staatssecretaris 50% van de kosten van de aanpassingen en trainingen die noodzakelijk zijn om de veiligheid in het bedrijf te verbeteren. Voor de komende 4 jaar is er voor de Veiligheid Kleine Bedrijven in totaal 24 miljoen euro beschikbaar.

De subsidie is op het moment slechts beschikbaar in Rotterdam, Utrecht en Deventer en onder speciale voorwaarden.

 

Milieu en Technologie tender geopend

Het programma Milieu & Technologie stimuleert de Nederlandse industrie tot het ontwikkelen en toepassen van innovatieve processen, producten en diensten. Belangrijk hierbij is dat in vergelijking met gangbare alternatieven het milieu substantieel minder wordt belast. MKB bedrijven uit de industrie kunnen subsidie aanvragen voor zowel de voorbereiding van de marktintroductie van hun milieuvriendelijke innovaties (TeMa), als voor de technische ontwikkeling van milieuvriendelijke innovaties (ToeP). 

Aanvragen kunnen worden ingediend door het industriële micro-, midden- en kleinbedrijf. Voor haalbaarheids-, ontwikkelings-, onderzoeks- en demonstratieprojecten varieert de hoogte van de bijdrage van 25% tot 75% van de projectkosten en loopt uiteen van € 100.000 tot € 350.000.

De tender voor 2011 loopt tot en met dinsdag 6 september 2011. Het budget is €3 miljoen (in tegensteling tot de € 5 miljoen van 2010).

Door de bezuinigingen gaat er vanaf 2012 wel veel veranderen in de opzet van het programma. Dus 2011 is waarschijnlijk het laatste jaar dat er subsidie beschikbaar is voor het industriële MKB voor de ontwikkeling en toepassing van innovatieve processen, producten en diensten met een milieuvoordeel.

Geen innovatievouchers in 2011

Minister Verhagen (EL&I) heeft aangegeven, dat de regeling Innovatievouchers per 1 januari 2011 zal worden afgeschaft. Met een Innovatievoucher kon een onderneming een kennisvraag op laten lossen door een universiteit, hogeschool of onderzoeksinstelling.

De overheid moet flink snijden in de kosten waardoor bepaalde subsidies zullen vervallen of versoberd worden. Het ministerie van EL&I wil als compensatie voor de afschaffing van de innovatievouchers het budget voor de zogeheten innovatieprestatiecontracten in 2011 opschroeven. Dit is een regeling waarbij een groep van vijftien tot 35 ondernemingen samen subsidie kunnen aanvragen voor meerjarige innovatieprojecten op een bepaald terrein. Hierbij moet een non-profit instelling het contact met Agentschap NL verzorgen. Het budget voor de Innovatieprestatiecontracten voor 2011 komt hiermee op € 26 miljoen.

 In een recente brief van minister Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie staat dat dit ten koste gaat van het budget voor de innovatievouchers. Hiermee komt (althans voorlopig) een eind aan een faciliteit die de afgelopen jaren populair was bij MKB-ondernemingen. Eind december behandelt de Tweede Kamer het voorstel.